Nieuws Curaçao

Curaçao-bondscoach Bicentini hoopvol na nederlagen: ‘WK 2026 is het doel’

WILLEMSTAD – Remko Bicentini heeft zijn eerste trip sinds zijn terugkeer als bondscoach van Curaçao achter de rug. Het Caraïbische eiland reisde af naar Indonesië, waar het twee keer van het gastland verloor. Toch spreekt Bicentini van een goede week.

“We zijn bezig met een nieuw proces en dat kost tijd. We hebben verloren van Indonesië, maar veel gewonnen voor de toekomst. Ik ken dit proces vanuit mijn eerdere periode vanaf 2016 als bondscoach van Curaçao, waar we een goed elftal hadden opgebouwd, met geweldige resultaten in de loop der jaren, dit is ook nu weer de doelstelling met mijn nieuwe aanstelling richting het WK 2026.”

Bicentini speelt altijd om te winnen. “Daar ga je voor, ook in de afgelopen twee wedstrijden tegen Indonesië. In beide wedstrijden hadden we zeventig procent balbezit, maar dat hebben we niet om kunnen zetten in nog meer kansen en doelpunten.”

Eerste wedstrijd

De eerste wedstrijd ging verloren met 3-2 en was volgens Bicentini onnodig, maar wel verklaarbaar. “We speelden met een aantal nieuwe jonge spelers die hun debuut hebben gemaakt, en dan is het heel logisch dat er bestaande automatismen nog ontbreken.”

De eerste twintig minuten zat Curaçao goed in de wedstrijd en kwam op een 1-0 voorsprong door een doelpunt van Reangelo Janga. “Daarna hadden we de score moeten uitbreiden. We speelden in de beginfase van de eerste helft het voetbal dat we graag willen: domineren, zowel aanvallend in balbezit, maar ook verdedigend bij balverlies. Steeds weer de vrije man tussen de linies bereiken en bij
balverlies de tegenstander dwingen tot verkeerde keuzes.”

Bol AlgemeenBol Algemeen

De daarop volgende twee tegengoals waren persoonlijke onwennigheden volgens de bondscoach. “Binnen vier minuten: daar moeten ze van leren en weer meenemen naar de volgende wedstrijden.
Van fouten kun je leren, moet je ook maken, je ontkomt daar niet aan, zo ook tegen
Indonesië, deze werden ook direct afgestraft.”

Tweede wedstrijd

De tweede wedstrijd op 27 september was een kopie van de eerste wedstrijd. Curaçao kwam op 1-0 achter, maar nu in de derde minuut van de wedstrijd. Het was geen oefenwedstrijd zoals een oefenwedstrijd normaal gesproken vaak beleefd wordt, maar twee landen die de absolute wil hadden de wedstrijd te willen winnen.

“We kwamen direct na de rust in de 46ste minuut terug in de wedstrijd. Jeremey Antonisse stond koud in het veld en rondde de 1-1 keurig af. “De wedstrijd zat vol strijd, veel stopmomenten door liggende spelers van Indonesië, en een aantal dubieuze beslissingen van de scheidsrechter in een volgepakt stadion.”

Tien minuten voor tijd ontving Juninho Bacuna zijn tweede gele kaart, waardoor hij het veld
moest verlaten en Curaçao met tien man verder moest. In de 87e minuut kreeg het elftal alsnog de 2-1 om de oren.

“Het was jammer, want beide wedstrijden waren we voetballend de betere ploeg. Voor de nieuwe jonge spelers was het zeker een mooie nieuwe ervaring en ook de eerste kennismaking op internationaal niveau. Dat zal uiteindelijk – in later stadium – zijn vruchten afwerpen.”

Bol AlgemeenBol Algemeen

Ontbrekende spelers

Bicentini kon geen gebruik maken van veel spelers die andere verplichtingen hadden, en voor sommige liep hun clubcompetitie ook door. “Daardoor ontbraken diverse vaste krachten, waaronder keeper Eloy Room, Vurnon Anita, Jurrien Gaari, Elson Hooi, Brandley Kuwas, Jeremey de Nooijer, Jarchinio Antonia, Darryl Lachman, Anthony vd Hurk, Charlison Benschop, Roshon van Eijma.”

Nathan Holder (Levvski Sofia) en Jaron Vicario (sv Strealen) hadden eveneens clubverplichtingen. Ook de nieuwkomers Shurandy Sambo (Sparta), Quillindshy Hartman (Feyenoord) die op het allerlaatste moment niet meekonden werden gemist.

“Al deze spelers hadden deze periode verplichtingen bij hun club, of zijn in onderhandeling en/of afwachting van een nieuwe club”, zegt Bicentini. “Daarentegen was het natuurlijk geweldig dat ik nu ook nieuwe jonge spelers heb opgenomen in deze selectie en deze kon laten spelen.”

Het is volgens de bondscoach een goede en belangrijke ervaring die deze jongens nu opgedaan hebben in Indonesië. Jonge spelers met heel veel talent en de toekomst voor Curaçao.

Voorbeeld

“Tyrick Bodak (jong PSV), Jeremy Antonisse (Jong PSV), Jurich Ogenia (Fc Eindhoven),
Kevin Felida (RKC) , Dylan Timber (Jong FC Utrecht) , Nathangelo Markelo (Exelcior) hebben
nu hele wedstrijden kunnen spelen en deze ervaring kunnen pakken, dat hebben ze heel
goed gedaan”, aldus Bicentini.

Als goed voorbeeld noemt de bondscoach de jonge keeper Tyrick Bodak. “Doordat Eloy Room er niet bij was, kreeg Tyrick de kans deze twee wedstrijden te keepen, geweldig voor hem. Hij heeft het ook
goed gedaan, maar nog veel belangrijker is dat als er zich iets voor zal vallen met Eloy, hij
deze ervaringen weer kan meenemen in de volgende wedstrijden, en hij niet plotseling voor
de leeuwen wordt gegooid. Tenslotte zal hij mogelijk ooit Eloy Room gaan vervangen, maar
dat zal niet voor het WK 2026 gebeuren.”

Eloy is een belangrijke en onmisbare schakel in en voor het nationale elftal van Curaçao, vindt Bicentini.
“Natuurlijk was het qua voorbereiding lastig, omdat we met deze andere selectie amper
eerder gespeeld en getraind hadden. Het normale automatisme in ons spel, waar je nou
eenmaal tijd voor nodig hebt en de vele positie wisselingen maakten het nu iets lastiger.”

“Het is een goed leermoment geweest, en belangrijk dat we de jonge spelers wedstrijden
kunnen laten spelen, en minuten kunnen maken, zo ook deze wedstrijden tegen Indonesië
zodat ze telkens meer ervaring en de nodige routine in hun bagage te verzamelen.

De onderlinge concurrentie wordt hierdoor volgens de bondscoach ook vergroot. “Het houdt elkaar scherp, en dat is goed” aldus Bicentini. “We hebben een mooie lange weg te gaan met als doelstelling ons te kwalificeren voor het WK 2026.”

Deel dit artikel