
WILLEMSTAD - De Algemene Rekenkamer van Curaçao constateert dat de financiële verplichtingen, uitgaven en inkomsten in de jaarrekening 2020 van de overheid op grote lijnen niet volgens de wet- en regelgeving tot stand kwamen.
In totaal gaat het om bijna 835 miljoen gulden belastinggeld van de burger, die niet volgens de opgestelde landsbegroting zijn binnengekomen of uitgegeven. Het oordeel is gebaseerd op twee belangrijke bevindingen.
Ten eerste zijn de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten in 2020 niet in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving, wat resulteert in een gebrek aan financiële rechtmatigheid. Ten tweede geeft de jaarrekening geen nauwkeurige weergave van de financiële positie van het land op 31 december 2020 en het resultaat over dat jaar, waardoor de Staten en andere gebruikers van de jaarrekening geen juist inzicht kunnen krijgen in de financiële situatie van het land.
Het gebrek aan ordelijkheid en controleerbaarheid van het financieel beheer vormt de basis voor de bovengenoemde bevindingen en conclusies. Het financieel beheer voldoet niet aan de minimale eisen van ordelijkheid en controleerbaarheid, zoals vereist in de wet op het financieel beheer.
Functiescheiding, interne beheersing van inkomsten, interne controlefuncties en vereiste interne controles zijn niet adequaat geïmplementeerd bij de ministeries.
Bovendien worden andere relevante bepalingen van de wet op het financieel beheer niet volledig nageleefd, zoals het opstellen van noodzakelijke landsbesluiten en ministeriële regelingen. Deze tekortkomingen resulteren in onvoldoende waarborgen voor het rechtmatig innen van inkomsten bij de burger, betalen van uitgaven en een getrouwe verantwoording van de cijfers in de jaarrekening.
Rechtmatigheidsfouten
De impact van deze tekortkomingen op de jaarrekening wordt geïllustreerd door de geconstateerde rechtmatigheids- en getrouwheidsfouten, evenals de onzekerheden.
Hoewel het Land in 2018 het voornemen had om het financieel beheer op orde te brengen en te houden, is geconstateerd dat de verbeteracties achterlopen op de planning van de Roadmap.
De minister heeft aangegeven dat de streefdatum voor het verkrijgen van een goedkeurende controleverklaring is verschoven en dat deze nu op zijn vroegst verwacht mag worden bij de jaarrekening van 2026.
Dit betekent dat er opnieuw ernstige tekortkomingen en zwaktes zijn geconstateerd in het financieel beheer van het Land. Ondanks voortdurende plannen om de problemen aan te pakken, is er geen tijdige en adequate voortgang geboekt. Hierdoor voldoet het Land niet aan de beginselen van goed openbaar bestuur met betrekking tot transparantie en publieke verantwoording.
De Rekenkamer is zich bewust van de vertraging in de implementatie van de verbeteringsplannen als gevolg van de effecten van COVID-19. Bij toekomstige controle van de jaarrekeningen zal de Rekenkamer nagaan of de verbeteracties daadwerkelijk worden gerealiseerd volgens de aangepaste planning van de Roadmap.
Het is echter niet bekend of de nieuwe geplande streefdatum voor het verkrijgen van een goedkeurende verklaring officieel aan het College financieel toezicht (Cft) is medegedeeld.



































