Scriptie onderzoekt emotionele drempels remigratie

· - leestijd 1 minuut
Roman Monte||
Roman Monte|| Roman Monte||

AMSTERDAM – Wat houdt Caribische studenten in Nederland tegen om terug te keren naar hun eiland van herkomst? Die vraag onderzocht masterstudent Roman Monte voor zijn afstudeeronderzoek Between islands and identities; The mental journey of remigration. Naast praktische zaken zoals huisvesting en werkgelegenheid blijken vooral sociale en emotionele factoren een grote rol te spelen.


Monte, kind van een Curaçaose vader en Nederlandse moeder, studeert Management, Beleid en Ondernemerschap in Gezondheid en Levenswetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Onder begeleiding van Durwin Lynch, coördinator van het masterprogramma, sprak hij dertien Caribische studenten en jonge professionals uit vijf eilanden in diepgaande interviews. De gesprekken werden gevoerd in Papiaments, Nederlands en Engels.

Taal en identiteit

Een van de opvallendste uitkomsten is het belang van culturele identiteit en taalbeleving. “Ik maak geen grappen in het Nederlands, want die komen niet over,” merkte een Curaçaose deelnemer op. Ook familiebanden, waardering voor het levensritme op het eiland en de mogelijkheid om ‘jezelf te kunnen zijn’ werden genoemd als drijfveren voor remigratie. Tegelijkertijd spelen ook negatieve ervaringen in Nederland een rol, zoals racisme en een beperkt bewustzijn over het koloniale verleden.

Een Arubaanse geïnterviewde benadrukte het belang van timing: “Ik ben nog jong, zonder partner, kinderen of huis in Nederland. Dus ik moet nu beslissen om terug te gaan, voordat dat verandert.” Die persoonlijke omstandigheden maken remigratie tot een mentale zoektocht waarin ratio en emotie botsen.

Aanbevelingen voor beleid en praktijk

In zijn aanbevelingen roept Monte organisaties zoals Stichting WeConnect op om praktische tools te ontwikkelen, zoals een remigratiegids, informatieve workshops en een online forum voor huisvesting en vacatures. Voor Caribische werkgevers stelt hij voor om ‘culturele onboarding’ te organiseren en bureaucratische obstakels rond terugkeer te vereenvoudigen. Studenten en professionals worden aangespoord om actief na te denken over hun wens tot terugkeer en daarover met anderen in gesprek te gaan.

Volgens stagebegeleider Lynch past het onderzoek in de bredere samenwerking tussen de VU en Stichting WeConnect. “Roman is de derde masterstudent die we samen begeleiden. We leren steeds beter hoe we SafeSpaces kunnen creëren waar Caribische studenten openlijk kunnen praten over identiteit, emotioneel welzijn en verbondenheid. Deze inzichten helpen ook bij hun studiesucces.”

Persoonlijke zoektocht

Voor Monte zelf was het onderzoek ook een persoonlijke ontdekkingstocht. “Ik begreep beter waarom ik enerzijds op Curaçao wil wonen, maar anderzijds moeite zou hebben om Nederland te verlaten.” Een trùkipan in zijn Amsterdamse buurt – waar pastechi wordt verkocht en Papiaments wordt gesproken – geeft hem inmiddels een herkenbaar gevoel van thuis. Monte rondt deze zomer zijn studie af en kijkt uit naar de volgende stap op de arbeidsmarkt.


1.101 keer gelezen

Deel dit artikel: